Wat ik ook doe en waar ik ook ben, ik moet en zal iets dragen wat doorschijnend is. het wind mij gewoon enorm op om aan iedereen mijn lijf te laten zien.
Sinds ik ben gestopt met werken ben ik eigenlijk alleen nog maar aan het reizen en het bevalt mij nog steeds erg goed. Wat ik alleen wel jammer vind is dat je nooit geen aanspraak hebt van mensen. Natuurlijk wel mensen die je tegenkomt maar uiteindelijk kom je altijd alleen aan en ga je ook weer alleen.
Gouden bergen kan ik je niet beloven, daar ligt de situatie iets te ingewikkeld voor. Maar zo nu en dan een avondje lekkere spanning en stoute dingen durf ik wel aan te gaan. Misschien kan ik zelfs wel een keer blijven slapen, ik ben een kampioen in het verzinnen van smoezen.
Het alleen zijn begint me een beetje parten te spelen, ik wil heel graag een man leren kennen met wie ik mijn dagen mag slijten maar kan je wel verzekeren dat dat er nog heel veel zijn.